Share this article

Over Plutarchus

Als je - zoals ik - uitgebreid de tijd hebt om op je leven terug te kijken, dan krijg je meer oog voor de dingen die je eigen denken en doen beïnvloed hebben. Je krijgt ook meer beeld bij de boeken en de auteurs die je als jong mens gelezen hebt en die zich als het ware hebben ingeprent in je eigen overtuigingen, die je eigen denken hebben gevormd.

 

Vaak besef je dat niet op het moment dat je die boeken leest of net gelezen hebt. Je hebt daar de afstand in de tijd voor nodig en het overzicht over je vergane jaren om die ontwikkeling inzichtelijk te krijgen. En soms ook een beetje hulp.

 

In mijn geval kreeg ik die hulp in inzicht toen ik de brieven nog een keer heb herlezen, die ik in de tijd dat ik jong was aan deze en gene had geschreven (en waar ik de kopie van bewaard had). Ik heb het dan over de tijd rond mijn 25ste, net afgestudeerd en bezig carrière te maken aan de universiteit van Leipzig.

 

In die brieven kom ik opvallend vaak de auteur Plutarchus tegen. Ik herinner me dat ik in die jaren helemaal verzot was op zijn werk. Ik verslond het ene werk van hem na het andere.

 

Wie was Plutarchus?

 

Plutarchus was een Griekse filosoof, schrijver en priester die leefde tijdens de Romeinse keizertijd. Hij werd rond het jaar 46 van onze jaartelling geboren in een stad in Midden-Griekenland, waar hij het grootste deel van zijn leven ook bleef wonen (net als ik in Breslau). Hij overleed waarschijnlijk rond het jaar 120. Dat is niet goed gedocumenteerd.

 

Plutarchus schreef meer dan tweehonderd werken, waarvan ongeveer de helft bewaard is gebleven. Eén van zijn bekendste werken is de omvangrijke verzameling Moralia, een reeks essays en dialogen over uiteenlopende onderwerpen zoals ethiek, opvoeding, politiek, religie, psychologie, vriendschap en filosofie.

 

Deze essays tonen Plutarchus als een praktisch denker die filosofie beschouwde als een hulpmiddel om een deugdzaam en evenwichtig leven te leiden. Ik kan me nu heel goed voorstellen dat dit, toen ik die werken voor het eerst las, al heel goed aansloot bij mijn eigen zoektocht. Met mijn voorliefde voor de Klassieke Grieken en Romeinen was dit koren op mijn molen. Gulzig als ik was naar kennis, ging dit er in als Gods woord in een ouderling. Ik besef dat er in de tijd van Plutarchus nog geen ouderlingen waren, maar toch, je begrijpt wat ik bedoel. Toch?

 

De invloed van Plutarchus door de eeuwen heen is enorm geweest. Zijn geschriften werden in de Renaissance veel gelezen en inspireerden denkers als Erasmus, de Montaigne en Shakespeare. In de 18e eeuw onder het bewind van Frederik de Grote was er in Pruisen ook een opleving van de oude Grieken en Romeinen. En ik weet nog dat Plutarchus, naast Cicero, heel populair was bij de jonge generatie van mijn tijd.

 

De Moralia

 

De Moralia is geen boek als boek, maar een verzameling van 78 essays en dialogen over tal van onderwerpen uit het dagelijks leven. Ik vond en vind dat echt kei-interessant; hoe de mensen toen (in de Romeinse tijd) samenleefden en waar de verschillen en overeenkomsten zijn met de huidige tijd. En ja er zijn verschillen, maar er zijn, tussen toen en nu, ook veel overeenkomsten. Misschien wel meer dan ons lief is. Meer dan we ons willen beseffen.

 

Je zou kunnen zeggen dat we dan als mens niet veel zijn opgeschoten. Vanuit het gangbare Vooruitgangsgeloof zou dit als negatief gezien kunnen worden. We zijn blijkbaar niet veel voorruit gegaan en dat voelt niet fijn.

 

Echter, je kan ook stellen dat de manier waarop de mens in groepen samenleeft in de tijd veranderd is, maar de mens zelf nog steeds dezelfde drijfveren, deugden en ondeugden heeft. Daarin blijft de mens, mens.

 

Kernidee

 

In de Moralia onderzoekt Plutarchus hoe een mens een goed en gelukkig leven kan leiden. Volgens hem is de rede het belangrijkste instrument om de passies en verlangens te beheersen. Hij sluit daarmee aan bij de filosofische traditie van Plato, maar verwerkt ook ideeën van Aristoteles en de Stoa.

 

Zijn centrale gedachte is dat deugd niet aangeboren is, maar door oefening, zelfkennis en opvoeding wordt ontwikkeld. Hij stelt dat een goed leven afhangt van de ontwikkeling van karakter.

 

Plutarchus ziet de mens als een wezen met zowel rationele als irrationele kanten. Emoties zijn niet slecht op zichzelf, maar worden problematisch wanneer zij de rede overheersen. De ideale mens laat zich leiden door verstand, erkent zijn emoties en leert deze beheersen in plaats van onderdrukken.

 

Een terugkerend thema is zelfbeheersing. Wie zichzelf niet kan beheersen, wordt slaaf van zijn verlangens. Zelfbeheersing vraagt oefening, gewoontevorming en voortdurende zelfreflectie.

 

Verder stelt hij dat niemand vanzelf deugdzaam wordt. Goede eigenschappen ontstaan door herhaald oefenen, goede voorbeelden en discipline. Hierin lijkt hij sterk op Aristoteles. Discipline sluit dan weer goed aan op de Pruisische mentaliteit, als een eigenschap die aan ons Pruissen gekoppeld is.

 

Plutarchus beschouwt opvoeding als essentieel voor de vorming van karakter. Goede opvoeders stimuleren het denken, geven zelf het goede voorbeeld en leren kinderen matigheid en rechtvaardigheid.

 

Opvallend is verder hoe modern sommige observaties aandoen. Plutarchus benadrukt onder meer dat mensen vaak impulsief reageren en dat emoties ons oordeel beïnvloeden. Zelfonderzoek helpt fouten te herkennen. Ook stelt hij dat het karakter gedurende het hele leven kan worden verbeterd.

 

Aldus Plutarchus moet de mens zijn emoties leren beheersen met behulp van de rede, moet hij de deugd oefenen door gewoontevorming, streven naar matigheid, zichzelf kritisch onderzoeken en de juiste omgang met anderen cultiveren. Door opvoeding, zelfdiscipline en wijsheid kan ieder mens groeien naar een evenwichtige en moreel goede persoonlijkheid.

 

Tot zover een samenvatting van de kernidee van Plutarchus.

 

Reflectie

 

Plutarchus schreef zijn Moralia eind eerste eeuw van onze jaartelling. Zijn wereld was de Griekse en Romeinse samenleving. Eigenlijk beschreef hij de mens, tijdloos of ‘van alle tijden’, net hoe je het wil zien.

 

Volgens de huidige maatstaven zou Plutarchus een filosoof van de levenskunst genoemd worden. In de tijd dat ik leefde zou hij mijn metgezel geweest kunnen zijn als ‘Popular Philosoph’. Ook een filosoof uit de tweede rang, geen echte filosoof, zoals ik later in de tijd van de Romantiek ben weggemoffeld.

 

Ik besef nu ook dat mijn denkbeelden over de deugden en zeden in de samenleving eigenlijk helemaal geen vernieuwende inzichten waren. Het waren beelden uit de oude doos, oude wijn in nieuwe zakken. Echter, mijn denkbeelden vonden weerklank in de samenleving omdat de meeste mensen die oude tijd al weer lang vergeten waren. Omdat ze dachten dat de tijd waarin zij leefden vernieuwend was vol vooruitgang en dat zijzelf dus ook nieuw waren.

 

Misschien was eigenlijk die hele periode van de Verlichting niets anders dan het weer openen van onze ogen. Was de Renaissance de wedergeboorte van de klassieke oudheid, na die donkere middeleeuwen waarin het Christendom zo verwoestend tekeer is gegaan.

 

De Verlichting was de periode dat we opnieuw het licht zagen, ons verstand, ons als subject, centraal gingen stellen en ons daar uitermate bewust van zijn. Zo uitermate bewust, dat bij veel denkers van de Verlichting dit weer was doorgeslagen naar alleen het verstand, wat ook weer overdreven was, als een pendule die eerst naar het uiterste uit moet slaan om uiteindelijk tot een balans te komen.

 

Ik weet van mezelf dat ik geen origineel denker ben. Ik kan niet op een zolderkamertje de hele wereld als nieuw systeem in elkaar knutselen. Ik heb haakjes nodig, denkbeelden van anderen, om mijn eigen denken op gang te brengen. Zo is dat altijd al geweest.

 

Bij Cicero was dat heel duidelijk omdat mijn vertaling van zijn ‘Plichten’ zo populair is geworden. Daarmee plaatste ik het denken van Cicero in de tijd van het Pruisen van de tweede helft van de 18e eeuw.

 

Ik heb nooit een vertaling gemaakt van het werk van Plutarchus. Maar het lezen van zijn werk heeft me uitermate beïnvloed en dat ben ik me pas veel later bewust geworden. Daarom deze oproep aan eenieder die diens leven lang al veel leest.

 

Neem een moment van reflectie. Ga met je vinger langs de boeken in je boekenkast. Waar blijven je ogen stilstaan, waar je vinger al verder is? Ook al is het maar een fractie van een seconde. Ga met je vinger langs de boeken in de boekenkast in je hoofd, de boeken uit vervlogen tijden. Welke staan je bij? Welke herinner je als de donderslag en bliksem die het lezen van dat boek in je teweeg bracht?

 

Zoek die boeken opnieuw op, sla ze open en lees ze opnieuw.

 

Je bent wat je leest.

Recente artikelen

door Rob 12 september 2026
Over een brief aan zijn moeder
door Friedrich Nietzsche 6 september 2026
Over eenzaamheid
door Christian 5 september 2026
Gezelschap en eenzaamheid - deel I
door Rob 4 september 2026
Brieven aan een vriendin
door Rob 16 augustus 2026
Pleidooi van een rebel
door Christian 14 augustus 2026
De Burgerlijke Air
door Christian 2 augustus 2026
De Russische ziel
door Christian 31 juli 2026
De panter
door Christian 28 juli 2026
Over balans en middelmatigheid
door Christian 26 juli 2026
De geometrie van de dag
Show More